Vlag van Oost-Pruisen (Pruisische provincie)
Achtergrondkennis
Oost-Pruisen was de meest noordoostelijke provincie van Pruisen en tegelijk het land dat de hele staat zijn naam gaf. Op het woongebied van de Baltische Pruisen stichtte de Duitse Orde in de dertiende eeuw haar staat; in 1525 ontstond daaruit het hertogdom Pruisen, dat in 1618 aan de Hohenzollerns van Brandenburg kwam. In 1701 kroonde Frederik III zich in Koningsbergen tot koning in Pruisen — daar komt de koningstitel vandaan. Als eigen provincie bestond Oost-Pruisen van 1773 tot 1829 en opnieuw van 1878 tot 1945; daartussen was het met West-Pruisen verenigd tot de provincie Pruisen. Hoofdstad bleef Koningsbergen. Na 1919 sneed de Poolse Corridor het gebied van de rest van het Duitse Rijk af en maakte er een exclave van. In 1945 eindigde zijn geschiedenis: het noorden ging naar de Sovjet-Unie en vormt vandaag de oblast Kaliningrad, het zuiden naar Polen, het Memelland naar Litouwen.
Betekenis
De vlag toont twee even brede horizontale banen: zwart boven, wit onder. Het zijn de kleuren van Pruisen zelf — in deze provincie geen toeval, want Oost-Pruisen gaf de staat zijn naam en voerde diens kleurenpaar. Zwart en wit gaan terug op de Duitse Orde, die hier vanaf de dertiende eeuw heerste onder een zwart kruis op wit; daaruit ontwikkelden zich de Pruisische kleuren. Zoals bij alle Pruisische provincies blijft de vlag zonder opsmuk: twee banen, zonder wapen of embleem. De zwarte adelaar die men met Oost-Pruisen verbindt hoort bij het wapen, niet bij de vlag. Toch zijn afbeeldingen in omloop die het wapendier op de banen zetten — die komen uit de heraldiek en waren nooit de officiële uitvoering.
Kleuren van de vlag
- HEX
- #000000
- RGB
- (0,0,0)
- CMYK
- (0,0,0,100)
- HEX
- #FFFFFF
- RGB
- (255,255,255)
- CMYK
- (0,0,0,0)
- RAL
- 9010
Iets nieuws ontdekken
Willekeurige vlaggen uit onze grote vlaggendatabase. Laat ons je verrassen.